Verhalen uit de jungle

Hallo allemaal,

Zoals beloofd dit keer iets sneller een nieuw verhaal.

De reis van Ho Chi Minh City naar Phnom Penh verliep zonder problemen. Aangekomen in Phnom Penh zijn we de eerste dag naar de Tuol Sleng school geweest. Deze is ook wel beter bekend onder de naam S-21 gevangenis. In deze Regels in de gevangenisschool/gevangenis zijn tijdens het regime van de Rode Khmer tussen de 17 en 20.000 mensen gevangen gezet en gemarteld. Het is nu een museum en je kan de gebouwen in om te kijken hoe het was. Het meeste zijn in de staat gelaten zoals het was tijdens de periode 1975-1979 en je loopt dus op plaatsen waar mensen letterlijk doodgemarteld zijn. Best een raar idee. In sommige kamers zie je de bloedvlekken nog op de vloer zitten. Toen de Vietnamezen hier binnenvielen hebben ze slechts 7 overlevenden martelcelaangetroffen. De volgende dag zijn we naar de centrale markt geweest, maar dit had weinig te maken met een echte markt. Het zijn vooral souvenirs die hier verkoch worden. Na bustickets geregeld te hebben wilden we de volgende dag naar de Ratanakiri provincie vertrekken. Helaas kwam de beloofde tuk-tuk naar het busstation niet opdagen en moesten we nog een dag wachten in Phnom Penh. Na weer ingecheckt te hebben in het guesthouse zijn we het koninklijke paleis gaan bezoeken. Een van de gebouwen op het terrein heeft een vloer van massief zilveren tegels van 1100 kg per stuk!
‘s Middags hebben we  de killing fields van Choeung Ek bezocht. Dit is de plek waar de rode khmer gevangenen van Tuol Sleng heen transporteerden, vermoordden en begroeven in massagraven. Ze hebben 86 graven opengemaakt en er zijn er nog ongeveer 40 waar niets mee gebeurd is. Het was een erg indrukwekkende plek om te zijn. De meeste mensen zijn hier niet doodgeschoten maar doodgeslagen met gereedschap. Er was 1 graf waar moeders met hun baby’s in lagen, de baby’s zijn doodgeslagen met hun hoofd tegen een boom terwijl de moeders moesten toekijken. Het is niet te geloven dat mensen zo wreed kunnen zijn en dan nog wel tegen hun eigen volk.. In de graven zie je nog stukjes bot, tanden en kleding liggen. Er is een grote stupa neergezet ter nagedachtenis van de slachtoffers waar ze de opgegraven schedels in hebben gedaan. Aan heel veel van de schedels kun je zien dat ze letterlijk ingeslagen zijn.

De volgende dag zijn we uiteindelijk met de bus naar Ratanakiri gegaan. In het begin waren de wegen nog mooi en vlak, maar na een uur of wat maakte het asfalt plaats voor rood stof. Aangekomen in de hoofdstad van Ratanakiri, Ban Lung, werden we van het busstation opgehaald op motoren om naar onze ecolodge gebracht te worden. En daar ga je dan door het donker achterop een motor zonder helm met een backpack op je rug met een gangetje van 60… De lodge waar wij verbleven had alleen stroom tussenOnze bungalow 6 en 9 ‘s avonds en dus kan je dan alleen warm douchen. Na een lekkere douche, Cleo had nog even een “echte meisjes in de jungle” ervaring toen er een boomkikker van het douchegordijn op haar voorhoofd sprong…  en een goede nacht slaap in een bungalow in de jungle zijn we de volgende ochtend hebben we en motor (scooter) gehuurd en zijn we watervallen gaan bekijken in de omgeving van Ban Lung. Bij de eerste hebben we een douche genomen onder de waterval en bij de laatste kon je achter de waterval langs lopen. Hier sprong ook een lokale jongen van de waterval af. Best gewaagd want het water zag er niet zo diep uit.
Na het boeken van een trek door de jungle in een nationaal park was het tijd was om te relaxen en hebben we een dag aan een kratermeer gelegen en lekker gezwommen. De volgende morgen moesten we vroeg op om naar de trek te gaan. Na weer een ritje achterop de motor kwamen we aan bij het kantoor van het nationale park. Hier kregen we van onze gids een hangmat die de volgende twee nachten ons bed zou zijn. Vervolgens zijn we weer achterop een motor gestapt en met een sjaal voor onze mond en een zonnebril op hebben we vervolgens 2 uur gereden richting het nationale park. Aan het einde van de rit waren we helemaal rood van het stof. Aangekomen bij een rivier hebben we onze motoren verruild voor een boot om ons naar een dorp aan de rand van het park te brengen. Deze boottocht was mooi met allerlei volgels die voorbij kwamen vliegen. Aangekomen in het ‘dorp’ (er wonen 8 families) hebben we eerst onze hangmatten geinstalleerd in het dorpshuis waarna we gingen ‘douchen’ in de rivier. De vrouwen doen tijdens dit bad allemaal een sarong om. Bij gebrek aan beter heeft Cleo haar bikini maar aangetrokken en een sjaal omgedaan die natuurlijk doorschijnt als hij nat wordt. Het hele dorp was aan het toekijken hoe wij weer wit probeerde te worden in de rivier, dat werkte nogal op onze lachspieren.
In het dorp zelf is geen stroom en dus was het om 6 uur al donker. We hadden wel een kaars, maar uiteindelijk lagen we om half 9 al in de hangmat. De volgende ochtend begon de trek pas echt. We hadden maar liefst 2 gidsen, omdat de route  pas nieuw was ging er ook een lokale gids mee die de weg moest wijzen. Na een paar uur lopen door de jungle zijn we gestopt om te lunchen bij een riviertje. Er was binnen notime een vuurtje aan en niet zo heel lang daarna zaten we aan een lunch van rijst met groente en vlees. Vervolgens hebben we nog een paar uur gelopen todat we bij de rivier kwamen waar onze slaapplaats was. Hier hadden de lokalen een soort tafel en stoelen gemaakt van bamboe en hout. En ook stonden hier palen waar je je hangmat aan moest ophangen. Na weer een uitstekend diner van onze gids lagen we om half 8 al naar de sterren te kijken vanuit onze hangmat. ‘s Ochtends werden we gewekt om een uurtje of 6 door heel veel vogels en schreeuwende gibbons.
Dit was de laatste dag en na een ontbijt van instant noedels zijn we teruggelopen naar het dorp. Hier zijn we weer op de boot gegaan en vervolgens waren we weer terug in Ban Lung na 2 uur achterop de motor. Omdat we de volgende dag terug naar Phnom Penh zouden gaan hebben we de laatste nacht in het stadje zelf geslapen.


Na weer een lange busreis waren we weer terug in Phnom Penh. Onderweg kregen we nog een klapband waar we nog een uur of 4 mee zijn doorgereden voordat de buschauffeur een band van een andere bus jatte en die op zijn eigen bus installeerde. In Phnom Penh zijn we nog naar een overdekte markt geweest en gisteren zijn we naar een pradal serey kickboks evenement geweest dat live wordt uitgezonden op de nationale tv. Dit wordt elke zaterdag en zondag gehouden in een tv studio ten noorden van het centrum. Het was er erg druk en heet en wij waren bijna de enige buitenlanders die daar aanwezig waren. Het is erg grappig ze hebben een traditionele liveband die steeds harder gaat spelen naarmate het gevecht spannender wordt en het publiek gaat helemaal uit hun dak.
Vandaag zijn we met de bus op weg naar Kampot om vanuit daar een tour te gaan doen naar een ghost town, Bokor Hill Station.

Het is hier trouwens 35 graden en een strakblauwe lucht. Veel plezier daar op de noordpool. (Maar wel jammer dat we nu niet kunnen schaatsen).

Tot snel!

Mijn locatie .

1 reactie op “Verhalen uit de jungle

  1. leuk al dat stof! schaatsen is zeker leuk, je mist echt wat (al zou ik graag met je ruilen). Vannacht word het hier -19 C. oftewel 54 graden verschil, dus…. Veel plezier nog!

Click on a tab to select how you'd like to leave your comment

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>